Zware fout op het theorie-examen rijbewijs B: wat telt zwaar
Op het Belgische theorie-examen voor rijbewijs B zakt je bij twee zware fouten. Dit zijn de zware fouten, enkele voorbeelden en hoe je je voorbereidt.
Bijgewerkt op 1 november 2026.
Hoe het examen wordt gequoteerd
Het examen telt 50 vragen. Je start met 50 punten en hebt er minstens 41 nodig om te slagen. Die drempel komt uit het koninklijk besluit van 1998 (Justel) en geldt in Wallonië, Brussel en Vlaanderen.
Elk fout antwoord kost je punten:
- Lichte fout: −1 punt. In Vlaanderen telt een vraag zonder antwoord ook als lichte fout.
- Zware fout: −5 punten. De officiële pagina's van Vlaanderen en Brussel geven dit cijfer.
De wettekst zegt het anders: je zakt als je minstens twee foute antwoorden geeft op vragen over overtredingen van de derde of vierde graad, of over het overschrijden van de toegelaten maximumsnelheid. Het resultaat is hetzelfde: twee zware fouten is 40 op 50, dus gezakt.
Eén zware fout laat je niet zakken. Met 45 punten heb je nog marge. Maar elk punt telt: na een zware fout mag je nog maar 4 punten extra verliezen.
Wat maakt een fout "zwaar"?
Dat hangt niet af van hoe moeilijk de vraag is. Het hangt af van het onderwerp. Een fout is zwaar als de vraag gaat over:
- een overtreding van de derde graad of de vierde graad van het koninklijk besluit van 30 september 2005;
- of het overschrijden van de maximumsnelheid.
Overtredingen die in geen enkele lijst van dat besluit staan, zijn van de eerste graad. Ze zijn licht.
Voorbeelden van zware onderwerpen
Dit zijn onderwerpen die in het besluit onder de derde of vierde graad vallen (tekst van kracht eind oktober 2026):
- het rode licht;
- een gsm of toestel met scherm in de hand houden (derde graad sinds maart 2022);
- de ononderbroken witte lijn en het inhaalverbod (bord C35);
- links afslaan: voorrang geven aan tegenliggers;
- van richting veranderen: voorrang geven aan andere weggebruikers en voetgangers;
- voetgangers op een zebrapad en fietsers (zijdelingse afstand van minstens 1 m);
- voorrangsvoertuigen met hun bijzondere sirene;
- inhalen zonder voldoende zicht;
- het dimlicht bij duisternis of als je minder dan 200 m ver ziet;
- kinderzitjes;
- de overweg (gesloten slagbomen, knipperende lichten);
- op de autosnelweg: achteruitrijden, keren, tegen de richting in (vierde graad).
De maximumsnelheid staat niet in dat besluit. Snelheidsovertredingen worden bestraft door de wet van 16 maart 1968, en de examenregel telt ze apart als zware fouten.
De misverstanden: wat geen zware fout is
Sommige onderwerpen lijken ernstig, maar zijn overtredingen van de tweede graad. Op het examen zijn het dus lichte fouten:
- de voorrang van rechts (en voorrang geven in het algemeen);
- het STOP-bord en het bord "voorrang verlenen";
- het oprijden van een rotonde;
- het oranje licht;
- rechts inhalen;
- de veiligheidsgordel;
- stilstaan of parkeren op een zebrapad.
Let op: dat betekent niet dat deze regels onbelangrijk zijn. In het echte verkeer tellen ze zwaar. Het gaat hier alleen over hoe het examen de punten telt.
Zo bereid je je voor
- Leer de regels, niet alleen de antwoorden. Een vraag over een rood licht of een ononderbroken lijn kan er op verschillende manieren uitzien.
- Lees de hele vraag. Een detail over het weer, de nacht of een voetganger kan het antwoord veranderen.
- Herhaal eerst de zware onderwerpen uit de lijst hierboven. Een fout weegt daar vijf keer zwaarder.
- Laat geen vraag leeg. In Vlaanderen is dat sowieso een lichte fout. Antwoord liever.
- Hou je tijd in de gaten. In Vlaanderen en Brussel heb je 15 seconden per vraag na het voorlezen.
Wat we nog niet weten
De graden van overtredingen komen uit regels die op de verkeersregels van 1975 gebaseerd zijn. Op 1 juni 2027 vervangt een nieuwe code van de openbare weg die regels. Voor zover wij weten, zegt nog geen enkele officiële tekst of de lijst van zware overtredingen voor het examen verandert. We passen deze gids aan zodra dat bekend is.
De regel van −5 punten staat op de gewestelijke pagina's van Vlaanderen en Brussel. We hebben hem niet teruggevonden in de wetteksten zelf, die alleen spreken van zakken vanaf twee zware fouten.
Je kunt oefenen met bronvermelde vragen op Zebrago en je voortgang zonder druk opvolgen.
Bronnen
- FOD Justitie, Justel: koninklijk besluit van 23 maart 1998 betreffende het rijbewijs (bijlage 4, quotering), geconsolideerd op 6 juli 2026. ejustice.just.fgov.be, geraadpleegd op 29 oktober 2026.
- FOD Justitie, Justel: koninklijk besluit van 30 september 2005 (graden van de overtredingen), geconsolideerd op 27 juli 2026. ejustice.just.fgov.be, geraadpleegd op 29 oktober 2026.
- Wegcode (Vias, FOD Mobiliteit): tekst van het besluit van 30 september 2005, bijgewerkt op 21 oktober 2026. codedelaroute.be, geraadpleegd op 29 oktober 2026.
- Waals Gewest: Passer le permis de conduire théorique, catégorie B. wallonie.be, geraadpleegd op 29 oktober 2026.
- Brussels Hoofdstedelijk Gewest: rijopleiding en examens, rijbewijs B. be.brussels, geraadpleegd op 29 oktober 2026.
- Vlaams Gewest: theorie-examen voor rijbewijs B. vlaanderen.be, geraadpleegd op 31 oktober 2026.